Dutch

Detailed Translations for gedetailleerd from Dutch to Spanish

gedetailleerd:


Translation Matrix for gedetailleerd:

ModifierRelated TranslationsOther Translations
con cuidado accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig bedachtzaam; behoedzaam; bezonnen; met zorg; omzichtig; voorzichtig; zorgvuldig
con delicadeza accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig
con exactitud accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig accuraat; consciëntieus; exact; gewetensvol; juist; met een scherp oog; met zorg; nauwgezet; nauwkeurig; nauwlettend; net; precies; scrupuleus; secuur; stipt; zorgvuldig
con minuciosidad accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig met een scherp oog; nauwlettend
con mucho cuidado accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig accuraat; angstvallig; consciëntieus; gewetensvol; met zorg; nauwgezet; nauwkeurig; nauwlettend; net; precies; scrupuleus; secuur; stipt; zorgvuldig
con precisión accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig accuraat; consciëntieus; exact; gewetensvol; juist; met een scherp oog; met zorg; nauwgezet; nauwkeurig; nauwlettend; net; precies; scrupuleus; secuur; stipt; voorzichtig; zorgvuldig
concienzudo accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig accuraat; conscientieus; degelijk; deugdelijk; gedegen; grondig; klemmend; met grote juistheid; met klem; met nadruk; met zorg; nadrukkelijk; nauwgezet; nauwkeurig; net; precies; secuur; stipt; uitdrukkelijk; van goede hoedanigheid; zorgvuldig
cuidadoso accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig accuraat; bedachtzaam; behoedzaam; bezonnen; consciëntieus; gewetensvol; grondig; kommervol; met zorg; nauwgezet; nauwkeurig; nauwlettend; net; omzichtig; precies; scrupuleus; secuur; stipt; vol zorgen; voorzichtig; zorgvuldig
escrupuloso accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig accuraat; angstvallig; conscientieus; exact; nauwgezet; nauwkeurig; nauwlettend; net; precies; punctueel; secuur; stipt; strikt; zorgvuldig
exacto accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig accuraat; afgepast; correct; exact; goed; haarfijn; juist; krek; nauwgezet; nauwkeurig; nauwkeurig geteld; nauwlettend; net; precies; ragfijn; secuur; stipt; trefzeker; zorgvuldig
meticuloso accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig accuraat; angstvallig; grondig; nauwgezet; nauwkeurig; nauwlettend; net; precies; secuur; stipt; zorgvuldig
minucioso accuraat; gedetailleerd; minutieus; nauwgezet; nauwkeurig; precies; secuur; zorgvuldig accuraat; conscientieus; grondig; in details; nauwgezet; nauwkeurig; nauwlettend; net; precies; secuur; stipt; uitgewerkt; voorzichtig; zorgvuldig

Related Words for "gedetailleerd":

  • gedetailleerdheid, gedetailleerder, gedetailleerdere

Wiktionary Translations for gedetailleerd:


Cross Translation:
FromToVia
gedetailleerd detallado detailed — characterized by attention to detail and thoroughness of treatment

detailleren:

detailleren verb (detailleer, detailleert, detailleerde, detailleerden, gedetailleerd)

  1. detailleren

Conjugations for detailleren:

o.t.t.
  1. detailleer
  2. detailleert
  3. detailleert
  4. detailleren
  5. detailleren
  6. detailleren
o.v.t.
  1. detailleerde
  2. detailleerde
  3. detailleerde
  4. detailleerden
  5. detailleerden
  6. detailleerden
v.t.t.
  1. heb gedetailleerd
  2. hebt gedetailleerd
  3. heeft gedetailleerd
  4. hebben gedetailleerd
  5. hebben gedetailleerd
  6. hebben gedetailleerd
v.v.t.
  1. had gedetailleerd
  2. had gedetailleerd
  3. had gedetailleerd
  4. hadden gedetailleerd
  5. hadden gedetailleerd
  6. hadden gedetailleerd
o.t.t.t.
  1. zal detailleren
  2. zult detailleren
  3. zal detailleren
  4. zullen detailleren
  5. zullen detailleren
  6. zullen detailleren
o.v.t.t.
  1. zou detailleren
  2. zou detailleren
  3. zou detailleren
  4. zouden detailleren
  5. zouden detailleren
  6. zouden detailleren
en verder
  1. is gedetailleerd
  2. zijn gedetailleerd
diversen
  1. detailleer!
  2. detailleert!
  3. gedetailleerd
  4. detaillerend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for detailleren:

VerbRelated TranslationsOther Translations
detallar detailleren afschilderen; bepalen; beschrijven; definiëren; nader omschrijven; nader verklaren; omschrijven; ontvouwen; preciseren; schetsen; specificeren; toelichten; uiteenzetten; uitleggen; verduidelijken
especificar detailleren bepalen; definiëren; nader omschrijven; omschrijven; preciseren; specificeren; uitwerken

External Machine Translations: